Noedels en aardappel,  Recepten,  Vlees en vis

Bolognese op z’n makkelijk

Makkelijke bolognese in een pan op tafel

Weet je waar ik niet van houd? Van recepten die zeggen dat alles draait om techniek. Ze roepen visioenen op van ingewikkelde polsbewegingen, vervaarlijk messenwerk en aan het sissen horen of je vlees klaar is. Allemaal niet aan mij besteed, dus sla ik liever snel de pagina om. Soms onderdruk ik in een aanval van enthousiasme mijn omsla-reflex en ga aan de slag met een Technisch Recept. Negen van de tien keer vervloek ik vervolgens met zweet op mijn voorhoofd mijn naïviteit.

Zo maak ik het lekkerste recept dat ik ken voor spaghetti Bolognese alleen in heel speciale gevallen. Het is ragù alla Bolognese uit Made in Italy van Giorgio Locatelli en het smaakt als de geurige, hartige gesublimeerde liefde van een Italiaanse oma. Het omvat ook een hoop op heel specifieke temperatuur brengen van ingrediënten, roeren maar op cruciale momenten juist niet, bakken tot het randje van verbrand (maar niet erover, naturalmente) en ben je al zenuwachtig? Ik wel, zeker omdat het allemaal uitmaakt. Ik heb het recept ook weleens slordig geprobeerd- lalala, dat gehakt is wel ongeveer op kamertemperatuur en tiehiehie, de wijn kan er vast nu al in – en resultaat was bepaald niet bijzonder.

Het is jammer, want weinig gerechten zeggen zo duidelijk “hee, welkom aan mijn tafel, wat fijn dat je er bent” als goede pasta Bolognese. Maar ik zou dit niet schrijven als ik niet een heel fijne tweede keus had, natuurlijk. In My Kitchen Year schrijft Ruth Reichl ook een recept voor Bolognese, met de veelbelovende titel Easy Bolognese. En Ruth houdt zich aan haar woord. Ze geeft een heel specifieke techniek om een pan met vlees en tomaten te veranderen in supersaus, maar in één woord samengevat is die techniek “wachten”. Kijk, dat kan ik aan, het vuur laagdraaien en weglopen. Zelfs af en toe teruglopen om te roeren vind ik geen probleem als het saus oplevert die mijn aandacht grijpt met grote, hartige smaken en me vervolgens op m’n gemak stelt met glimmende lippen en een vrolijk tomatendansje.

Naast het wachten heeft Ruth trouwens nog een trucje: worst. In plaats van gehakt gaat er worst in de pan en ik word  daar blij van. Iemand heeft al zijn best gedaan om worst op smaak te brengen, dus een deel van het werk is gedaan voor ik begin. Het wachten en de worst leveren samen pasta op waarvan je er na elke hap nóg één wilt, tot je na de laatste hap met een zucht achterover leunt en je handen over je blije buik vouwt. Aaaaah, techniek. Af en toe kom je dat tiende van tien recepten tegen.

Ben je na de Bolognese helemaal op de makkelijke Italiaanse toer? Probeer ook eens deze makkelijke lasagna. Liever een dansje van vreugde maken over eten waar techniek gewoon geen onderwerp bij is? Kook deze noodlesoep, die smaakt of hij heel moeilijk is, maar dat lekker niet is.

Makkelijke, heerlijke Bolognese

Variatie op een recept van Ruth Reichl in My Kitchen Year

Begin op tijd. Deze saus is helemaal niet lastig, maar het kost hem ruim twee uur om speciaal te worden.

Snipper een ui en bak hem in een pan met een zware bodem zachtjes tot hij glazig begint te worden. Knijp er twee teentjes knoflook bij en strooi er een zuinige halve theelepel pikant paprikapoeder bij. Wat fijngesneden basilicum erbij is een goed idee als je een plantje hebt staan en als je een wortel hebt, kun je hem er in kleine blokjes bij doen. Even omscheppen en een minuutje bakken.

Peuter het velletje van 500 gram saucijzen en doe het vlees in de pan bij de ui. Bak tot het niet meer rauw ziet. Vis de tomaten uit een blik hele tomaten en bewaar het sap. Plet de tomaten met je bakspatel en hussel ze goed met het worstvlees. Bak op vrij hoog vuur tot het vocht vrijwel verdampt is. Giet er dan de helft van het tomatensap uit het blik bij en laat weer pruttelen tot het vocht bijna weg is. Herhaal met het laatste tomatensap. Draai het vuur heel laag en laat het vlees en de tomaten een uur of twee pruttelen. Roer af en toe en giet er een klein scheutje water bij als het eruit ziet alsof er dingen zouden kunnen aanbranden. Volgens Ruth is de saus het lekkerst als hij zo lang heeft geprutteld dat de uien aan de pan dreigen te plakken, maar zo lang heb ik uiteraard nooit gewacht. Een mens zou alsnog zenuwachtig worden. Ook zonder plakkende uien is je saus na een uur of twee heerlijk.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *