Recepten

Spannende geroosterde worteltjes als voorgerecht

Bord met worteltjes, witte kaas en groene kruidensaus

“Mmmm, worteltjes. Daar heb ik al dagen zin in!” zei helemaal niemand, ooit. Toch? Ik kan niet de enige zijn die de harde oranje staafjes prijst omdat ze handig, gezond en houdbaar zijn, maar niet bepaald om hun sex appeal.

Dat ik dus toch dacht “oeh, wat is dat?” toen ik Jessica Battilana’s Repertoire opensloeg op geroosterde worteltjes met burrata was een verrassing. De tijd tussen “oeh, wat is dat?” en mijn bord was maar een paar weken (wat voor een voorgerecht heel kort is in mijn huis). Wat was dit? Worteltjesliefde? Nee toch?

Eenmaal in mijn mond stelden ze bepaald niet teleur. Volgens mij worden worteltjes niet interessanter dan met hier en daar een bruin roosterplekje en de combinatie met burrata en groene saus werkt heel goed. Wat je krijgt is een bord vol zoete worteltjes met een heel klein beetje bitter, romige, romige, romige kaas en verse kruiden die een vrolijk riedeltje spelen in je mond. Yum. Jawel, heuse wortelliefde.

Ik zou zeggen: maak dit het vegetarische voorgerecht van je volgende etentje en niemand mist het vlees. Maar dat zou niet eerlijk zijn. Dit bord zoet, hartig, fris en romig verdient op eigen kracht een plekje op tafel en heus niet alleen omdat er geen beest in zit. Dus gewoon: maak dit, eet, geniet.

Geroosterde worteltjes met burrata en salsa rustica

Bewerking van een recept uit Repertoire, Jessica Batillana

Voor 4 mensen

Maak 1 bos waspeentjes schoon, snijd dikkere exemplaren in de lengte door de helft. Hussel de worteltjes met twee eetlepels olijfolie. Rooster ze op 220 graden tot ze hier en daar een bruin plekje hebben en een vork er met wat moeite doorheen gaat. Dat duurt ongeveer een half uur, afhankelijk van de dikte van je worteltjes. Laat ze niet te gaar worden- je wilt nog wat beet.

Leg een bal burrata in een vergiet om uit te lekken. Doe dit gelijk nadat je de worteltjes in de oven hebt geschoven, zodat hij tijd heeft om op kamertemperatuur te komen.

Hak ondertussen de blaadjes van 15 gram platte peterselie (1 supermarktbakje) fijn met de blaadjes van een paar takjes verse munt. Snijd een sjalotje heel fijn. Rooster 40 gram gepelde pistachenoten in een hete koekenpan tot ze extra kleur hebben en lekker ruiken. Zet ze even weg om af te koelen en hak ze. Meng de peterselie en munt met de sjalot, het rasp van een halve biologische citroen en een flinke kneep citroensap (ongeveer een theelepel). Roer er 60 ml lekkere olijfolie en de gehakte nootjes door. Proef en voeg zout en extra citroensap toe naar smaak. Maak de saus wat zouter en zuurder dan je zo zou eten; de zoete worteltjes en romige kaas kunnen het tegenwicht goed gebruiken.

Haal de worteltjes uit de oven en laat ze even afkoelen. Leg ze dan op een schaal en breek de burrata met je vingers erboven in stukjes. Lepel de saus er nonchalant over tot je een onweerstaanbare schaal eten hebt. Eet.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *