Ga terug
Zwarte koekenpan met plakjes gebakken champignon en een houten spatel

Champignons bakken voor beginners (en andere liefhebbers)

Ontdek in dit recept de drie gouden regels waardoor gebakken champignons keer op keer sappig en goudbruin op tafel komen. (Tipje van de sluier: heet, snel, rustig.) Eet de gebakken champignons zo, of voeg er de smaakjes aan toe die jij lekker vindt.
Voorbereidingstijd 10 min
Bereidingstijd 5 min
Totale tijd 15 min
Porties 2 personen
Keuken Aziatisch, Frans

Ingrediënten
  

  • 250 gram champignons bv witte of bruine champignons of shii take
  • 1 scheut olie
  • zout naar smaak

Optionele smaakmakers

  • knoflook, ui, specerijen, rozemarijn, tijm om mee te bakken
  • sojasaus, ketjap manis, oestersaus, wijn om aan het eind toe te voegen

Aan de slag
 

Bereid de champignons voor

  • Veeg eventuele viezigheid van de champignons met een stuk keukenpapier of een borsteltje. Als de champignons erg vies zijn kun je ze afspoelen onder de kraan.
  • Snijd de champignons in plakjes of kwarten, afhankelijk van hoe groot je de stukjes straks wilt. Houd er rekening mee dat ze behoorlijk slinken bij het bakken. Hele champignons bakken kan ook, hoewel ik flinke exemplaren zou halveren om ze makkelijker gaar te krijgen.

Bak de champignons

  • Laat een koekenpan met zware bodem (ik gebruik deze knapperd) of wok warm worden. (Regel 1: bak ze heet.)
    Giet een scheut olie in de pan en laat die ook warm worden. Als je één van de smaakmakers gebruikt die meegebakken moet worden, voeg je hem nu toe. Bak tot je de smaakmaker goed ruikt.
    Doe de stukjes champignons in de pan, hussel ze om met de olie en spreid ze zoveel mogelijk uit in één laag. (Regel 2: bak ze snel.) Past dat totaal niet, bak de champignons dan in meerdere porties. Anders moet je te vaak husselen en daardoor laten de champignons veel vocht los dat je liever binnen houdt. (Regel 3: bak ze met minimale beweging.)
    Bak de champignons op vrij hoog vuur tot de onderkant goudbruine randjes heeft. Draai ze rustig om en bak tot ook de andere kant goudbruin is.
    Hele champignons zijn nu misschien nog niet door en door gaar. Proef er eentje. Is hij nog niet doorbakken? Giet dan een scheutje water (of ander vocht) in de pan en bak de champignons tot het vocht verdampt is. Herhaal tot de champignons wel gaar zijn.
    Als je een vochtige smaakmaker gebruikt, giet je daar nu een eetlepel of twee van in de pan. Bak op hoog vuur tot het meeste vocht verdampt of opgenomen is. Gebruik je geen vocht, bestrooi de champignons dan met wat zout en schep ze nog één keer rustig om.
    Eet.
Geef je dit recept hieronder een score? Dat helpt anderen het te vinden.